| Song | Flappie |
| Artist | YoungStar |
| Album | Q-Music Presents All I Want For Christmas |
| Download | Image LRC TXT |
| Het was kerstochtend 1961 | |
| Ik weet het nog zo goed | |
| Mijn konijnenhok was leeg | |
| En moeder zij dat ik niet in de schuur mocht komen | |
| En als ik lief ging spelen dat ik dan wat lekkers kreeg | |
| Zij wist ook niet waar Flappie uit kon hangen | |
| Ze zou het papa vragen maar omdat die bezig was | |
| In dat fietsenschuurtje moest ik maar een uurtje | |
| Goed naar Flappie zoeken hij liep vast wel ergens op het gras | |
| Maar ik had het hok toch goed dicht gedaan | |
| Zoals ik dat elke avond deed | |
| Ik was de vorige avond zelfs nog terug gegaan | |
| Ik weet ook niet waarom ik dat deed | |
| Ik had heel lang voor het hok gestaan alsof ik wist | |
| Wat ik nu weet | |
| Het was eerste kerstdag 1961 wij naar Flappie zoeken vader | |
| Die zocht gewoon mee, bij de bomen en het water | |
| Maar niet in dat fietsenschuurtje, want daar kon die toch niet zitten | |
| En ik schudde nee | |
| We zochten samen, samen tot de koffie de familie aan de koffie, maar ik hoefde niet | |
| Ik dacht aan Flappie en dat het 's nachts zo koud kon vriezen | |
| Mijn hoofdje stil gebogen dikke tranen van verdriet | |
| Want ik had het hok toch goed dicht gedaan | |
| Zo als ik dat elke avond deed | |
| Ik was de vorige avond zelfs nog terug gegaan | |
| Ik weet ook niet waarom ik dat deed | |
| Ik had heel lang voor het hok gestaan alsof ik wist | |
| Wat ik nu weet | |
| Het was eerste kerstdag 1961 | |
| Er werd luidruchtig gegeten maar dat deed me niet zoveel | |
| Ik dacht aan Flappie, mijn eigen kleine Flappie | |
| Waar zou die lopen, geen hap ging door m'n keel | |
| Toen na de soep het hoofdgerecht moest komen | |
| Sprak mijn vader uiterst grappig kijk Joup daar is Flappie dan | |
| En ik zie de zilveren schaal nog en daar lag ie in 3 stukken | |
| Voor het eerst zag ik mijn vader als een vreselijke man | |
| En ik ben gillend en stampend naar bed gegaan | |
| Heb eerst een uur liggen huilen op de sprei | |
| Nog één keer scheldend boven aan de trap gestaan | |
| En geschreeuwd Flappie was van mij | |
| Nog heel lang voor het raam gestaan maar het hok stond er maar verlaten bij | |
| Het was tweede kerstdag 1961 | |
| Moeder weet dat nog zo goed, vaders bed was leeg | |
| En ik zei dat zij niet in de schuur mocht komen | |
| En als ze lief ging spelen dat ze dan wat lekkers kreeg |
| Het was kerstochtend 1961 | |
| Ik weet het nog zo goed | |
| Mijn konijnenhok was leeg | |
| En moeder zij dat ik niet in de schuur mocht komen | |
| En als ik lief ging spelen dat ik dan wat lekkers kreeg | |
| Zij wist ook niet waar Flappie uit kon hangen | |
| Ze zou het papa vragen maar omdat die bezig was | |
| In dat fietsenschuurtje moest ik maar een uurtje | |
| Goed naar Flappie zoeken hij liep vast wel ergens op het gras | |
| Maar ik had het hok toch goed dicht gedaan | |
| Zoals ik dat elke avond deed | |
| Ik was de vorige avond zelfs nog terug gegaan | |
| Ik weet ook niet waarom ik dat deed | |
| Ik had heel lang voor het hok gestaan alsof ik wist | |
| Wat ik nu weet | |
| Het was eerste kerstdag 1961 wij naar Flappie zoeken vader | |
| Die zocht gewoon mee, bij de bomen en het water | |
| Maar niet in dat fietsenschuurtje, want daar kon die toch niet zitten | |
| En ik schudde nee | |
| We zochten samen, samen tot de koffie de familie aan de koffie, maar ik hoefde niet | |
| Ik dacht aan Flappie en dat het ' s nachts zo koud kon vriezen | |
| Mijn hoofdje stil gebogen dikke tranen van verdriet | |
| Want ik had het hok toch goed dicht gedaan | |
| Zo als ik dat elke avond deed | |
| Ik was de vorige avond zelfs nog terug gegaan | |
| Ik weet ook niet waarom ik dat deed | |
| Ik had heel lang voor het hok gestaan alsof ik wist | |
| Wat ik nu weet | |
| Het was eerste kerstdag 1961 | |
| Er werd luidruchtig gegeten maar dat deed me niet zoveel | |
| Ik dacht aan Flappie, mijn eigen kleine Flappie | |
| Waar zou die lopen, geen hap ging door m' n keel | |
| Toen na de soep het hoofdgerecht moest komen | |
| Sprak mijn vader uiterst grappig kijk Joup daar is Flappie dan | |
| En ik zie de zilveren schaal nog en daar lag ie in 3 stukken | |
| Voor het eerst zag ik mijn vader als een vreselijke man | |
| En ik ben gillend en stampend naar bed gegaan | |
| Heb eerst een uur liggen huilen op de sprei | |
| Nog ee n keer scheldend boven aan de trap gestaan | |
| En geschreeuwd Flappie was van mij | |
| Nog heel lang voor het raam gestaan maar het hok stond er maar verlaten bij | |
| Het was tweede kerstdag 1961 | |
| Moeder weet dat nog zo goed, vaders bed was leeg | |
| En ik zei dat zij niet in de schuur mocht komen | |
| En als ze lief ging spelen dat ze dan wat lekkers kreeg |
| Het was kerstochtend 1961 | |
| Ik weet het nog zo goed | |
| Mijn konijnenhok was leeg | |
| En moeder zij dat ik niet in de schuur mocht komen | |
| En als ik lief ging spelen dat ik dan wat lekkers kreeg | |
| Zij wist ook niet waar Flappie uit kon hangen | |
| Ze zou het papa vragen maar omdat die bezig was | |
| In dat fietsenschuurtje moest ik maar een uurtje | |
| Goed naar Flappie zoeken hij liep vast wel ergens op het gras | |
| Maar ik had het hok toch goed dicht gedaan | |
| Zoals ik dat elke avond deed | |
| Ik was de vorige avond zelfs nog terug gegaan | |
| Ik weet ook niet waarom ik dat deed | |
| Ik had heel lang voor het hok gestaan alsof ik wist | |
| Wat ik nu weet | |
| Het was eerste kerstdag 1961 wij naar Flappie zoeken vader | |
| Die zocht gewoon mee, bij de bomen en het water | |
| Maar niet in dat fietsenschuurtje, want daar kon die toch niet zitten | |
| En ik schudde nee | |
| We zochten samen, samen tot de koffie de familie aan de koffie, maar ik hoefde niet | |
| Ik dacht aan Flappie en dat het ' s nachts zo koud kon vriezen | |
| Mijn hoofdje stil gebogen dikke tranen van verdriet | |
| Want ik had het hok toch goed dicht gedaan | |
| Zo als ik dat elke avond deed | |
| Ik was de vorige avond zelfs nog terug gegaan | |
| Ik weet ook niet waarom ik dat deed | |
| Ik had heel lang voor het hok gestaan alsof ik wist | |
| Wat ik nu weet | |
| Het was eerste kerstdag 1961 | |
| Er werd luidruchtig gegeten maar dat deed me niet zoveel | |
| Ik dacht aan Flappie, mijn eigen kleine Flappie | |
| Waar zou die lopen, geen hap ging door m' n keel | |
| Toen na de soep het hoofdgerecht moest komen | |
| Sprak mijn vader uiterst grappig kijk Joup daar is Flappie dan | |
| En ik zie de zilveren schaal nog en daar lag ie in 3 stukken | |
| Voor het eerst zag ik mijn vader als een vreselijke man | |
| En ik ben gillend en stampend naar bed gegaan | |
| Heb eerst een uur liggen huilen op de sprei | |
| Nog éé n keer scheldend boven aan de trap gestaan | |
| En geschreeuwd Flappie was van mij | |
| Nog heel lang voor het raam gestaan maar het hok stond er maar verlaten bij | |
| Het was tweede kerstdag 1961 | |
| Moeder weet dat nog zo goed, vaders bed was leeg | |
| En ik zei dat zij niet in de schuur mocht komen | |
| En als ze lief ging spelen dat ze dan wat lekkers kreeg |